Welkom op onze reisblog, waar je alles kan lezen over onze reis van zomer 2009 tot zomer 2010 door Eurazië. Bij het naar beneden scollen ontdek je de berichten en foto's, per land geordend. Verder zijn we erg trots op onze gedetailleerde materiaallijst en pech-onderwegrubriek. Deze zijn bedoeld als inspiratiebron voor eenieder die een lange tocht per fiets plant, of eenieder met interesse. Je ziet onze route op onderstaande kaart (google maps) en kan klikken op de routelijntjes voor meer informatie over een bepaald stukje (goed mikken). Heb je nog vragen of wil je graag meer informatie over een bepaald deel van onze route, dan mag je altijd mailen naar Bert of Melanie.

Veel leesplezier!

Melanie en Bert

Route


Route weergeven op een grotere kaart
Posts tonen met het label Azerbeidzjan. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Azerbeidzjan. Alle posts tonen

dinsdag 15 juni 2010

Azerbeidzjan, het land der gezellige plekjes

U leest het goed, Azerbeidzjan - of toch het stukje noord-westroute dat wij gefietst hebben- , is het land der gezellige plekjes. Overal langs de weg kunnen stukjes gras gevonden worden, alwaar de lokale (mannelijke) bevolking massaal zit thee te drinken aan kleine tafeltjes, ons met wilde gebaren, gefluit en rauwe kreten uitnodigend hetzelfde te doen. Vrouwen zijn hier niet te zien, tenzij dan in huizen, in de winkel, of aan de bron. Geen wonder dat een van de jonge kerels van het restaurant waar we om water vroegen, het feit dat ik mee kwam helpen de flessen te vullen (enerzijds uit aardigheid, anderzijds om te zien waar het water vandaan kwam) dan ook als een rechtstreekse uitnodiging van mijn kant zag. Volledig het feit negerend dat ik met een mannelijke compagnion op weg was, vroeg hij me mee achter het huis te komen. Nietsvermoedend volgde ik hem, al bleef hij verdacht dicht in mijn buurt, en trachtte hij mij bij de hand te nemen. Eens buiten het zicht van zijn medebewoners werd zijn bedoeling helemaal duidelijk, toen hij met getuite lippen dichterbij kwam. Driewerf helaas, moest ik toch wel passen voor deze vriendelijke invitatie. Met het Rusische woord "moesch" "moesch" (waarmee dan de echtgenoot, of in dit geval Bert bedoeld wordt), ging ik vlot terug naar de rest van de bende. Er bleek echter geen kwaad geschied, de kerel bleef zowel tegen Bert als tegen mezelf erg vriendelijk, al probeerde ie bij het tonen van de plaatselijke bron toch wel weer iets te dicht bij me te lopen dan me lief was. Gelukkig was Bert er deze keer wel bij (een ezel stoot zich immers geen twee maal aan dezelfde steen), en was die dan ook de uitgelezen persoon om in het midden te lopen.

Terug naar de gezellige plekjes, die ervoor verantwoordelijk zijn dat wij niet, zoals onze Franse vrienden, in 5 dagen het land uitgefietst zijn. We hebben vakantie, zo blijkt opnieuw als we van 13 tot pakweg 16u30 middagpauze nemen onder een boom, met als motto "het is te warm om te fietsen". Dankzij de vrienden van het zomeruur kan er dan gefietst worden tot een uur of 21, dus geen nood, we komen nog steeds langzaam maar zeker dichter bij huis. Morgen passeren we de grens met Georgie, naar verluid een waar gastronomisch paradijs. We gokken dan ook dat onze vakantiemodus nog wat meer versterkt zal worden, met heuse culinaire hoogstandjes als middagmaal, ter vervanging van de variaties op pattat, tomaat, komkommer, bonen en aubergine die we hier in Azerbaijan dagelijks bereiden (van salades tot spaghetti's en zowaar vandaag zelfs met puree!). Ook blijkt Georgie erg bekend om zijn lekkere wijnen (verbannen in Rusland, en erg duur in China, ZO-Azie en Kazachstan), dus benieuwd hoe dat met fietsen te combineren zal vallen. Het plan is alleszinds om in Georgie (vanaf morgen dus) het vakantienemen te laten primeren op het fietsen, kwestie dat we hier niet al te snel weer zullen passeren. De mens heeft de bus immers niet voor niets uitgevonden. Het beeld van de passerende fietsers zal er niet door geschaad worden, gezien al het fietsend volk dat we hier zien passeren wel "echte" zijn. De hoogvliegers van deze passanten waren toch wel de Zwitser en de Fransman. De Zwitser had het stoere plan opgevat in juli (u weet wel, een der warmste maanden van het jaar) Kazachstan door te fietsen. Wij hebben dat stuk met de trein gedaan, en erg veel bomen of andere mogelijke schaduwbrengers hebben we niet gezien, zo vertelden we hem. Hij was echter niet onder de indruk, de bedoeling was immers om het moeilijk te hebben. In dat geval heeft ie niet slecht gekozen. Na deze Zwitser (tijdelijk op weg met een Duits koppel dat eveneens alles per fiets wou doen), passeerde ons een Fransman, met maar liefst 6 extra buitenbanden mee! Hij plande na Centraal-Azie in Afrika te gaan fietsen, en vreesde dat die daar niet gevonden zouden kunnen worden. Op onze sugestie of hij ze niet ergens zou kunnen laten opsturen, reageerde hij dat hij het risico niet wou lopen ergens twee weken of meer te wachten op post. Hij had vrienden in Georgie, en al is de kans erg groot dat hij daar opnieuw passeert op weg naar Afrika, toch wou hij de 6 (6!) kg bagage die hij pas in Afrika nodig had niet achterlaten, kwestie van steeds vrij te zijn zijn route te veranderen. Geen wonder dat hij de bergzones meed, en bij voorkeur op vlak land reed, al zag hij er niet eens zo zwaar geladen uit. Wij besluiten uit deze ontmoetingen dat wij geen "echten" zijn, en als we er nog eens over nadenken, vinden we dat niet eens zo erg ook. We zullen op ons ommetje door Georgie nog eens aan hen denken en een glas wijn drinken op hun gezondheid.

Gastronomische groenten,
Melanie



dinsdag 8 juni 2010

Belote en het wonder der couchsurfing

Gegroet,

We zijn ondertussen in Baku aanbeland. Zoals u kan zien op de kaart rechts van u, ligt Baku aan zee, wat meteen ook het wachten op de boot, waar Bert het over had, verklaart. De bootdames hadden een typisch Kazachs grapje voor ons voorzien. Gezien de boot zonder schema vaart, worden de telefonisch bereikbare mensen gebeld bij aankomst in Aktau. De minder bereikbare types worden geacht hun plan te trekken, in ons geval dus dagelijks eens binnen te springen bij de dames van het ticketbureautje, die ons steevast het mooie antwoord "vandaag niet, misschien morgen" gaven. Met "vandaag" wordt dan gedoeld op het vertrek van de boot uit Baku, zodat hij de dag later in Aktau (alwaar wij aan het wachten waren) aankomt alvorens opnieuw richting Baku te varen. Vrijdag hadden de dames echter een originerer antwoord voor ons. De boot zou niet vrijdag, en ook niet zaterdag uit Baku vertrekken, zodat het vroegste vertrekmoment (zo berekenden we zelf) uit Aktau maandagavond zou zijn. Zaterdagavond mochten we wel nog eens langskomen voor extra informatie... . We dachten deze herwonnen vrijheid te vieren met een tweedaagse richting het noorden, iets wat niet kan als elke morgen het kantoortje bezocht moet worden. Luiheid en vooral het feit dat onze fietsen niet meekonden op het tripje (en onze bagage zonder fiets verdraaid onhandig is), maakte dat we er op het laatste moment voor pasten, in ruil voor alweer een dagje strand (lees stenen met glas langs een uiterst verfrissende koude zee). Zaterdag, tegen 18u, passeren we toch nog eens aan het kantoortje, om te horen dat de boot binnen 4u vertrekt, en we ons bijgevolg toch een beetje moeten reppen om te gaan winkelen, tent afbreken, nog een laatste maaltje koken etc. De vriendelijke dame wist er nog aan toe te voegen dat ze onze tickets bewaard had, en van plan was ze te verkopen eens 19u gepasseerd was... . Aardig aardig aardig. Grrr.

De boot bleek een vrachtschip te zijn. Er was zowaar zelfs een spoor aangelegd tot in de boot voor treinladingen, al bevolkten vooral vrachtwagens en hun chauffeurs het schip, op een paar Azeri met een berg bagage, en 5 dwaashoofden die een jaar op reis zijn, met het voornemen niet te vliegen. (U ziet, we zijn niet alleen). Na een ongeloofelijk onefficiente douanepassage, en uiteraard nog enkele uurtjes in de wachtzaal konden we de boot op, om begroet te worden door de kamerdame (een beetje provodnika van de boot), die ons de sleutel van ons coupeetje gaf in ruil voor ons paspoort. Ze was zo aardig erbij te melden dat we toch oo zo'n slechte kamer hadden, en we voor een vlotte 20 dollar meer een kamer met raam konden verwachten. Moedig vatten we gevijvend de tocht naar de kamer aan, om te ontdekken dat ze niet gelogen had: de vier bedden hadden allen een matras waar (hopelijk) kleine kindjes zonder matrasbescherming te vaak in hadden geplast. Zonder raam was de kamer ook immens heet, en met 4 personen nogal klein. De Belg, onze vijfde man, ging bij de dame provodnika vragen of ze alsjeblieft lakentjes had, waarna zij, merkend dat er van haar extra inkomsten voor een kamerupgrade niets in huis zou komen, ons gratis de betere kamers (met zicht op zee ;) ) liet behuizen, hetgeen we ten zeerste konden apprecieren.

Na een stukje nachtrust gingen we verder met onze hoofdbezigheid in Aktau: Bulotte (op de voet gevolgd door het bezoeken van het ticketjeskantoor, met de supermarkt, het consulaat van Azerbaijan en de zee op de derde, vierde en vijfde plaats). Belote is, door de naam verraden, een frans kaartspel, dat zodanig tof is dat het een plaatsje verdient in onze blog, zelfs in de titel. Ik ga u de hele spelregels besparen, en het er op houden dat het een mengeling is van manillen en kleurenwiezen, zowaar de symbioze van West-Vlaamse en Brabantse kaartspelen. Een mooie extra is ook dat de boer en de negen, normaalgezien zo goed als waardeloos, bij troef de hoogste kaarten zijn. Erg verwarrend bij vermoeide spelers, of zij die een pintje drinken tijdens het kaarten. Voor ik me helemaal laat gaan in het alsnog uitleggen van de regels (zoals de heer en vrouw van troef die samen 'bulotte' zijn, en dus extra punten) volstaat het om te melden dat onze Franse vrienden ons in Baku hebben achtergelaten, en het spel -dat 4 spelers vereist - nu al tot het verleden behoort. Nico en Romain (eveneens in het bezit van een mooie blog: http://routedescimes.jimdo.com/) zijn ons alvast voorgegaan richting europa. Ze plannen ongeveer hetzelfde te doen als wij, ware het niet dat wij een deel van de weg denken te liften met een camion, en zij alles per fiets hopen te doen. Hun visum voor Azerbejian is dan ook maar 5 dagen geldig, wij hebben er 30, wat enkele dagen Baku verklaart. Om 4u maandagmorgen na een fijn uurtje grensovergang gingen wij op zoek naar koffie, zij vertrokken moedig met tegenwind richting Georgie.

Hier in Baku werd onze verbazing over het wonder der couchsurfing nog maar eens hernieuwd. Onze host, een Amerikaan, die in Azerbejian is gekomen met het vredeskorps (blijkt niet echt georganiseerd noch bijster nuttig), en is blijven hangen hier in Baku, vroeg ons naar zijn werk te komen (nadat we hem om 7u hadden wakker gebeld met de verassing dat we, wegens geen tijd om te melden dat de boot zou varen, toch al in Baku aangekomen waren). Hier gaf hij ons, twee volstrekte vreemden met wie hij 3 emailtjes en een kort telefoongesprek had gewisseld, de enige sleutel van zijn flat, met de melding dat we ons gerust mochten laten gaan met de gehaktballetjes in de frigo, en dat we de afstandbediening van de airco wel zouden vinden ... Een slag in het gezicht van het cynisme en het gebrek aan vertrouwen in de wereld.

Met deze positieve noot laten we u achter tot het volgende blogbericht,

Melanie