Welkom op onze reisblog, waar je alles kan lezen over onze reis van zomer 2009 tot zomer 2010 door Eurazië. Bij het naar beneden scollen ontdek je de berichten en foto's, per land geordend. Verder zijn we erg trots op onze gedetailleerde materiaallijst en pech-onderwegrubriek. Deze zijn bedoeld als inspiratiebron voor eenieder die een lange tocht per fiets plant, of eenieder met interesse. Je ziet onze route op onderstaande kaart (google maps) en kan klikken op de routelijntjes voor meer informatie over een bepaald stukje (goed mikken). Heb je nog vragen of wil je graag meer informatie over een bepaald deel van onze route, dan mag je altijd mailen naar Bert of Melanie.

Veel leesplezier!

Melanie en Bert

Route


Route weergeven op een grotere kaart
Posts tonen met het label Kazachstan. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Kazachstan. Alle posts tonen

dinsdag 8 juni 2010

Belote en het wonder der couchsurfing

Gegroet,

We zijn ondertussen in Baku aanbeland. Zoals u kan zien op de kaart rechts van u, ligt Baku aan zee, wat meteen ook het wachten op de boot, waar Bert het over had, verklaart. De bootdames hadden een typisch Kazachs grapje voor ons voorzien. Gezien de boot zonder schema vaart, worden de telefonisch bereikbare mensen gebeld bij aankomst in Aktau. De minder bereikbare types worden geacht hun plan te trekken, in ons geval dus dagelijks eens binnen te springen bij de dames van het ticketbureautje, die ons steevast het mooie antwoord "vandaag niet, misschien morgen" gaven. Met "vandaag" wordt dan gedoeld op het vertrek van de boot uit Baku, zodat hij de dag later in Aktau (alwaar wij aan het wachten waren) aankomt alvorens opnieuw richting Baku te varen. Vrijdag hadden de dames echter een originerer antwoord voor ons. De boot zou niet vrijdag, en ook niet zaterdag uit Baku vertrekken, zodat het vroegste vertrekmoment (zo berekenden we zelf) uit Aktau maandagavond zou zijn. Zaterdagavond mochten we wel nog eens langskomen voor extra informatie... . We dachten deze herwonnen vrijheid te vieren met een tweedaagse richting het noorden, iets wat niet kan als elke morgen het kantoortje bezocht moet worden. Luiheid en vooral het feit dat onze fietsen niet meekonden op het tripje (en onze bagage zonder fiets verdraaid onhandig is), maakte dat we er op het laatste moment voor pasten, in ruil voor alweer een dagje strand (lees stenen met glas langs een uiterst verfrissende koude zee). Zaterdag, tegen 18u, passeren we toch nog eens aan het kantoortje, om te horen dat de boot binnen 4u vertrekt, en we ons bijgevolg toch een beetje moeten reppen om te gaan winkelen, tent afbreken, nog een laatste maaltje koken etc. De vriendelijke dame wist er nog aan toe te voegen dat ze onze tickets bewaard had, en van plan was ze te verkopen eens 19u gepasseerd was... . Aardig aardig aardig. Grrr.

De boot bleek een vrachtschip te zijn. Er was zowaar zelfs een spoor aangelegd tot in de boot voor treinladingen, al bevolkten vooral vrachtwagens en hun chauffeurs het schip, op een paar Azeri met een berg bagage, en 5 dwaashoofden die een jaar op reis zijn, met het voornemen niet te vliegen. (U ziet, we zijn niet alleen). Na een ongeloofelijk onefficiente douanepassage, en uiteraard nog enkele uurtjes in de wachtzaal konden we de boot op, om begroet te worden door de kamerdame (een beetje provodnika van de boot), die ons de sleutel van ons coupeetje gaf in ruil voor ons paspoort. Ze was zo aardig erbij te melden dat we toch oo zo'n slechte kamer hadden, en we voor een vlotte 20 dollar meer een kamer met raam konden verwachten. Moedig vatten we gevijvend de tocht naar de kamer aan, om te ontdekken dat ze niet gelogen had: de vier bedden hadden allen een matras waar (hopelijk) kleine kindjes zonder matrasbescherming te vaak in hadden geplast. Zonder raam was de kamer ook immens heet, en met 4 personen nogal klein. De Belg, onze vijfde man, ging bij de dame provodnika vragen of ze alsjeblieft lakentjes had, waarna zij, merkend dat er van haar extra inkomsten voor een kamerupgrade niets in huis zou komen, ons gratis de betere kamers (met zicht op zee ;) ) liet behuizen, hetgeen we ten zeerste konden apprecieren.

Na een stukje nachtrust gingen we verder met onze hoofdbezigheid in Aktau: Bulotte (op de voet gevolgd door het bezoeken van het ticketjeskantoor, met de supermarkt, het consulaat van Azerbaijan en de zee op de derde, vierde en vijfde plaats). Belote is, door de naam verraden, een frans kaartspel, dat zodanig tof is dat het een plaatsje verdient in onze blog, zelfs in de titel. Ik ga u de hele spelregels besparen, en het er op houden dat het een mengeling is van manillen en kleurenwiezen, zowaar de symbioze van West-Vlaamse en Brabantse kaartspelen. Een mooie extra is ook dat de boer en de negen, normaalgezien zo goed als waardeloos, bij troef de hoogste kaarten zijn. Erg verwarrend bij vermoeide spelers, of zij die een pintje drinken tijdens het kaarten. Voor ik me helemaal laat gaan in het alsnog uitleggen van de regels (zoals de heer en vrouw van troef die samen 'bulotte' zijn, en dus extra punten) volstaat het om te melden dat onze Franse vrienden ons in Baku hebben achtergelaten, en het spel -dat 4 spelers vereist - nu al tot het verleden behoort. Nico en Romain (eveneens in het bezit van een mooie blog: http://routedescimes.jimdo.com/) zijn ons alvast voorgegaan richting europa. Ze plannen ongeveer hetzelfde te doen als wij, ware het niet dat wij een deel van de weg denken te liften met een camion, en zij alles per fiets hopen te doen. Hun visum voor Azerbejian is dan ook maar 5 dagen geldig, wij hebben er 30, wat enkele dagen Baku verklaart. Om 4u maandagmorgen na een fijn uurtje grensovergang gingen wij op zoek naar koffie, zij vertrokken moedig met tegenwind richting Georgie.

Hier in Baku werd onze verbazing over het wonder der couchsurfing nog maar eens hernieuwd. Onze host, een Amerikaan, die in Azerbejian is gekomen met het vredeskorps (blijkt niet echt georganiseerd noch bijster nuttig), en is blijven hangen hier in Baku, vroeg ons naar zijn werk te komen (nadat we hem om 7u hadden wakker gebeld met de verassing dat we, wegens geen tijd om te melden dat de boot zou varen, toch al in Baku aangekomen waren). Hier gaf hij ons, twee volstrekte vreemden met wie hij 3 emailtjes en een kort telefoongesprek had gewisseld, de enige sleutel van zijn flat, met de melding dat we ons gerust mochten laten gaan met de gehaktballetjes in de frigo, en dat we de afstandbediening van de airco wel zouden vinden ... Een slag in het gezicht van het cynisme en het gebrek aan vertrouwen in de wereld.

Met deze positieve noot laten we u achter tot het volgende blogbericht,

Melanie

donderdag 3 juni 2010

Met de trein door Kazachstan

Waarde bloglezers,

Tijd voor weer wat nieuws uit het verre Kazachstan. Alhoewel, ver is misschien niet meer van toepassing, gezien we met onze laatste treinrit de afstand tot thuis weer heel wat ingekort  hebben. Het was weer de moeite, die treinrit, helemaal op zijn Kazachs. In principe verloopt het nemen van de trein hier niet anders dan in Rusland, gezien de meeste infrastructuur hier dateert uit het Sovjet-tijdperk Kazachstan was trouwens de laatste ex-Sovjetrepubliek om zich onafhankelijk te verklaren, en met pijn in het hart. Eigenlijk hadden ze de Russen liever niet zien vertrekken. In tegenstelling tot Oost-Europa zie je hier dan ook nog volop de oude, maar netjes onderhouden  Sovjetmonumenten in al hun glorie.

Maar goed, de trein dus. Omdat er geen platzkart (3de klasse) ticketjes meer waren, hebben we een drie keer duurder eerste-klasseticketje moeten nemen, de zogenaamde 'lux'. Omdat de bagagedienst op zijn zachtst gezegd nogal onprofessioneel overkwam, hadden we al gauw besloten dat onze fietsen met ons mee de trein op gingen. We weten ondertussen dat het zinloos is hiervoor navraag te gaan doen in het station, uiteindelijk beslist de provodnik, uw treinbegeleider zeg maar. Met ons lux ticketje leek het ons geen probleem, gezien we dan een coupe voor ons twee alleen hebben, en dus niemand anders moeten storen met onze onhandige bagage. De twee provodniks van onze wagon (ze wisselen af, de ene slaapt, de andere werkt), vonden dit echter wel een probleem. 'Njet' zeiden ze. Nu is de tijd dat wij ons opwinden over dit soort situaties lang voorbij. Uiteindelijk moet er toch een oplossing gevonden worden voor de trein vertrekt, en zo onmenselijk om ons gewoon op het perron te laten staan, zijn deze doorgewinterde ambtenaren van de goede, oude sovjetstijl nu ook weer niet. De vriendelijkste van de twee, de madam, nam mij even apart in haar kotje en maakte een gebaar, al 'chutchut' (een beetje) zeggende, dat mij deed vermoeden dat ze naar wat centjes viste. Goed, dacht ik, eindelijk eens de kans om aan corruptie te doen, tenslotte maakt dat toch allemaal deel uit van de reiservaring. Maar toen ik onze portefeuille erbij wilde halen, moest het precies niet meer echt. Wel mochten onze fietsen erop, geen probleem. Als ge ziet wat andere reizigers zoal bijhebben en simpelweg in de gang stouwen (autoruiten, 3 m lange palen, dozen ter grootte van een kleine tractor, duitse herders), zou ge u ook afvragen waarom wij onze fietsen niet in het gangpad van onze eigen coupe zouden kunnen zetten. Maar goed, dit is Kazachstan. Komen er nog twee facteurs af (of was het politie?) die ook graag ons ticketje ne keer zien en ook wat beginnen zeveren over onze fietsen. Maar ze zitten er al op, en de trein is vertrokken, dus veel  benen om op te staan, hebben ze niet. Ze druipen dan ook al gauw af. Drie dagen trein, dat is een beetje slapen, lezen, eten, drinken, kruisjessteek, T-shirt herstellen, door de trein wandelen, eten kopen op het perron, boekje of muziek luisteren en ze zijn om. De tweede dag komt de vriendelijke provodnika vragen of we onze coupe niet even willen verduisteren en of ze niet een paar uur op een van onze bedjes mag komen liggen. Wij vinden dit een vreemd verzoek, maar we zijn dan ook al van haar gewoon dat ze regelmatig een stuk bestek komt lenen en dat vervolgens kromgebogen terugbrengt, om de deur van haar kotje te openen, zo blijkt. Melanie begon de 'lux' net een beetje saai te vinden en verlangde terug naar de vlagen van interactie die de platzkart te bieden heeft, dus dit voorval komt eigenlijk als geroepen.  Dus wij zeggen ok, komt gij hier maar even liggen. Ze bedankt ons vriendelijk en even later komt haar collega in zijn onderlijfje onze coupe binnen en legt zich te ronken op een vrijgemaakte brits. Wij beginnen dan maar aan een ontdekkingstocht door de trein en stellen vast dat de platzkart inderdaad uitverkocht moet zijn. Er lijken zelfs meer mensen dan bedden. Dat vermoeden wordt bevestigd als we later terug in onze wagon komen. Er staan veel mensen op de gang, en het kot van onze provodniks ligt vol passagiers. Stilletjesaan wordt het duidelijk hoe de vork in de steel zit: onze vrienden treinbegeleiders verdienen wat bij op de goede oude sovjetmanier. Vandaar dat meneer bij ons wilde komen liggen: in zijn kot was simpelweg geen plaats meer. En nu weten we ook waarom die jongen die al het werk doet (lakens uitdelen, WC schoonmaken, gang stofzuigen), niet de provodnik is: dat is een passagier die een deel van zijn rit in natura betaalt. Ge moet het meegemaakt hebben om het te geloven.

Maar zo zijn we toch maar mooi in Aktau geraakt, een havenstad aan de Kaspische Zee. We zijn hier ondertussen al drie dagen gekampeerd in de achtertuin van een villa in aanbouw, met zicht op zee, samen met twee Franse fietsers. Romain en Nicolas kwamen we tegen op het consulaat van Azerbeidjan en willen hier net zoals ons de ferry nemen. We weten dat de dienstregeling nogal onregelmatig is, maar iedere tien dagen zou er toch een boot moeten uitvaren, zo zeggen onze bronnen. De laatse keer is de ferry uitgevaren op 22 mei. Op dit moment, 12 dagen later, ligt ze nog steeds voor anker in Baku (onze bestemming), en niemand kan zeggen wanneer ze daar gaat vertrekken, laat staan wanneer ze hier aankomt en terug uitvaart. Het enige dat we kunnen doen, is iedere dag gaan informeren bij het boekingskantoortje, waar ze ons niet meer weten te zeggen dan: "misschien morgen". Voor deze puike service betaal je dan nog eens goed door ook: 100 euro voor een enkeltje. Als je daarbij de prijs van een uitnodiging optelt (40 euro) die je nodig hebt als je Azerbeidjan niet per vliegtuig binnenkomt, dan kan je voor hetzelfde geld de vlieger nemen. Maar wij willen niet vliegen, dat is een beetje het concept van onze reis (en ook dat van de Fransen), dus zijn wij aangewezen op hun boot. Eigenlijk vraag ik mij wat voor soort pipo's er nog gebruik maken van deze ferry, en hoe deze maatschappij uberhaupt nog kan overleven. Misschien door de belachelijk hoge prijs die wij betalen, denk ik dan, of omdat goederenvervoer hun hoofdactiviteit is misschien. We zullen het jullie binnenkort hopelijk weten te vertellen.   


 Bert

dinsdag 25 mei 2010

Berichtjes

Moeilijk zijn de tijden voor een blogberichtschrijver, die niets bijzonders meemaakt. Ik zou u kunnen verhalen over de dolle fratsen van Dhr. Fawlty uit de gelijknamige reeks (met annex Towers), hier volledig aanwezig op DVD, of over hoe Bert zichzelf keer op keer opblaast (ik doe dat ook, maar dan eerder sporadisch) bij het spelen van 'worms' op de X-box van onze host, maar iets zegt mij dat dat u vast niet zo heel erg boeit. Een andere verhaaloptie zou onze fietstocht naar het meer in de bergen kunnen zijn, waar ik de eerste 20km bergop het nut van het 'pleziertochtje' niet inzag, en net toen ik het leuk begon te vinden - de laatste 10 km - Bert huiswaarts keren wou. Tegen wil en dank bereikten we toch het beoogde meer (achteraf gezien 1750m hoger gelegen dan ons vertrekpunt in Almaty), waar we snel vandaan werden gehaald, want we zouden het drinkwater van Almaty (blijkbaar present in dat eigenste meer) wel eens kunnen vergiftigen... . Gelukkig was de terugtocht 30km bergaf, waarvan de helft in mountainbike-stijl (niet zo fijn als het lijkt, zo zonder verende voorvork of dempende bagage). Andere uitjes, zoals het middagje treinticketje kopen (in Rusland vonden we dit enorm avontuurlijk en bijgevolg best wel leuk, maar dat lijkt al lang geleden) zijn dan weer het 'opnieuw beleven van het moment' niet echt waard, zoals lang aanschuiven om te horen te krijgen dat de eerstvolgende trein waar nog plaats is in de platzkart, of zelfs coupe (een klasse hoger), een week te laat vertrekt. Bijgevolg zijn we nu de niet erg fiere eigenaar van het 3keer te dure ticketje 'lux', met name een privecoupetje voor ons twee. We hadden de avond kunnen spenderen met de zoektocht of onze fiets al dan niet mee met ons in ons coupetje kan, maar ook hier blijken we iets te doorwinterd voor. Al spenderen we twee dagen met zoeken, rondbellen en vragen, het 'moment supreme' is het op de trein stappen, ongeacht wat de twintig mensen die je om raad gevraagd hebt te vertellen hadden. Na een blik op de dienst die de fiets met de bagage verstuurt hebben we die optie alvast geelimineerd. Iedereen liep daar (zonder iets van identificatie zoals een uniform of zo) de barak binnen en buiten, en er werd bovendien veel te veel gevraagd voor het vervoer van onze fiets (toch in vergelijking met hun Russische en Chinese collegas). Veel betalen voor de waarschijnlijke optie je fiets nooit meer terug te zien, dat gaat er een beetje over, zeker te weten dat de gelukkige 'vinder' van onze fiets er waarschijnlijk mee zou rijden tot ie een platte band heeft of zo, en ons mooie stoere fietsje het trieste lot van dood te roesten in een Kazachse kelder beschoren zou zijn. Het wordt dus spannend vrijdag, als we de juffrouw provodnika trachten te overtuigen van ons gelijk. We willen ze er zelfs een corrupt briefje van enkele duizend Tenge in de hand voor drukken, al speelt ons dure luxticketje hier natuurlijk in ons nadeel, wie een bom geld neerlegt voor een ticketje, zal immers vast wel ook wat willen geven voor de fiets mee te krijgen... . Ach, we zien wel, denken we dan.

Verder is de eerste diefstal een feit. Een bende kwajongens (dat is toch de gok), heeft bij nachte mijn spiegeltje van de fiets verwijderd. Waren ze zo snugger geweest niet enkel de spiegel, maar ook het bevestigingssysteem te pikken, dan hadden ze er nog iets mee kunnen doen, maar nu hebben ze enkel een spiegeltje dat te klein is voor dagelijks gebruik, en heb ik een bevestigingsding waar niks aan bevestigd is. Sneu is dat, voor beide partijen eigenlijk. Een gevolg van deze actie is dat we nu dagelijks onze fiets de verdiepen omhoog de trap op sjouwen, stel dat ze toch besluiten dat ze, nu ze de spiegel hebben, ze ook graag de bijpassende wielen, een zadel en meer van dat nuttigs om een fiets te bouwen, zouden willen.

Nu spenderen we nog twee dagen hier in Almaty, met culturele activiteiten als ballet (voor 5 euro kan ne mens het zich niet permiteren ongecultiveerd te zijn), Bert inmaken in 'worms', op zoek gaan naar grote vuilniszakken om onze fiets te vermommen tijdens de treinreis, en meer te weten komen over de 'race into space' tijdens de koude oorlog (leve de BBCreportage op hier aanwezige DVDtjes). We zullen u, met andere woorden, vanalles te vertellen hebben bij thuiskomst, want, al lijkt het voor de hardwerkende mens met beperkte vakantie niet zo, in ons hoofd - en ook op de kaart - komen we dichter en dichter bij huis...

Melanie